Stel cookie voorkeur in

Onderwijsinspectie

De onderwijsinspectie controleert in opdracht van de overheid of het onderwijs op scholen goed is. Dat gebeurt onder meer door onderzoeken in de school.

Eén keer per jaar vindt een jaarlijks onderzoek (JO) plaats, waarover een kort rapport wordt geschreven. Dit jaarlijks onderzoek vindt plaats op het kantoor van de Onderwijsinspectie. Eén keer in de vier jaar, of vaker als dat nodig is, houdt de inspectie een periodiek kwaliteitsonderzoek (PKO). De bevindingen worden in een uitgebreid inspectierapport beschreven. De school kan daarop haar zienswijze inbrengen en de inspectie kan die zienswijze opnemen of niet. Het uiteindelijke rapport is dan terug te vinden op de website van de Inspectie van het Onderwijs en door u in te zien. www.onderwijsinspectie.nl

Hoe onderzoekt de inspectie de onderwijskwaliteit op een school?

Een school moet het onderwijs aanbieden dat leerlingen nodig hebben, zodat leerlingen zich kunnen ontwikkelen en zoveel mogelijk leren. Ieder jaar bekijkt de inspectie bij alle scholen met basistoezicht of er aanwijzingen zijn dat een school onvoldoende kwaliteit levert.
Dit onderzoek heet de risicoanalyse. Op basis van de risicoanalyse en eventueel nader onderzoek bepalen zij hoeveel toezicht een school nodig heeft. Het toezicht dat iedere school krijgt, is dus maatwerk.
Bij de risicoanalyse wordt onderzocht:
  • Opbrengsten, zoals tussentoetsen per leerjaar, eindtoets basisonderwijs, examenresultaten, in-, door-, en uitstroomgegevens
  • Jaarstukken: onder meer schoolgids en financiële stukken
  • Signalen: onder meer klachten en (negatieve) berichtgevingen in de media
  • Wettelijke nalevingsaspecten.
Na de risicoanalyse bespreekt de inspecteur de uitkomsten met het bestuur van de school. Het bestuur is namelijk verantwoordelijk voor de kwaliteit van het onderwijs. Ook is het verantwoordelijk voor de financiële situatie van de school en het naleven van wetten en regels.

Geen risico's

Als de analyse geen risico’s laat zien, dan heeft de inspectie vertrouwen in de kwaliteit van het onderwijs op de school. Er is geen nader onderzoek of intensivering van het toezicht nodig en de school krijgt dan een 'voldoende', oftewel het basisarrangement. In het nieuwe Toezichtkader, vanaf augustus 2016, zullen scholen ook de kwalificaties 'goed' en 'excellent' gaan ontvangen. 

Wel risico's

Als de analyse wel risico’s laat zien, dan vraagt de inspectie aanvullende informatie op. De aard en achtergrond van de vermeende risico’s worden onderzocht. Ook maken zij een uitgebreidere analyse van alle gegevens.
De inspecteur bespreekt deze informatie met het bestuur. Blijkt er uiteindelijk niets aan de hand te zijn, dan krijgt de school alsnog het basistoezicht (PKO). Als wel sprake is van mogelijke tekortkomingen, dan voeren zij een kwaliteitsonderzoek (KO) uit.
 

Advies van de basisschool

In groep 8 van de basisschool krijgt iedere leerling een advies voor het voortgezet onderwijs ('onderwijskundig rapport'). Voor dit advies kijkt de school naar de prestaties van de leerling gedurende de hele basisschoolperiode. Verder maken onze scholen gebruik van de Centrale Eindtoets. De inspectie gebruikt dat advies als beginniveau van de leerlingen in het voortgezet onderwijs.

Gedragscode

De inspectie houdt toezicht op de sociale veiligheid van leerlingen en leerkrachten. Vertrouwensinspecteurs worden regelmatig benaderd met klachten over grensoverschrijdend gedrag. Niet alleen van leerlingen en leraren, maar ook van het management. In veel gevallen is het gevoel van veiligheid in het geding. Het is belangrijk dat een school aantasting van sociale veiligheid probeert te voorkomen. Een gedragscode voor de sociale omgang kan daarbij een belangrijke rol spelen.